Posts tonen met het label Euthanasie. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Euthanasie. Alle posts tonen

woensdag 30 november 2011

Uitweg

CHABOT, B. & BRAAM, S., Uitweg. Een waardig levenseinde in eigen hand. A’dam, Nijgh & Van Ditmar, 2010, 283 pp. – ISBN 978 90 388 9314 3

Niemand kan bestrijden dat zelfdoding dikwijls in overeenstemming is met ons eigen belang en onze plicht tegenover onszelf: ouderdom, ziekte of ongeluk kunnen het leven tot een last maken, een last die zwaarder kan wegen dan het leven zelf.
David Hume

Wat moet je als je hoogbejaard en hulpbehoevend bent, de vrienden wegvallen, je toekomst inkrimpt, vermoeidheid ieder bezoekje gauw te veel maakt en je vindt dat het genoeg geweest is? Wat kan je doen als je een ernstige chronische, maar niet dodelijke, ziekte hebt en steeds minder kunt, met 24 uur gedwongen bedrust en pijn in het vooruitzicht? Wat rest je als het verpleeghuis wenkt, waar zelfs de bedtijden voor je worden bepaald? Welke mogelijkheden zijn er nog voor mensen van wie het euthanasieverzoek klip-en-klaar wordt afgewezen?

Vaker dan bekend is overwegen mensen in voorliggende gevallen om zelf hun leven waardig te beëindigen. Dat is niet verboden, zolang men hiervoor zelf de verantwoordelijkheid neemt. Het is echter niet gemakkelijk om zonder hulp van een arts goede informatie te vinden over een waardig levenseinde in eigen beheer. Dit boek wil mensen met een weloverwogen doodswens informeren over hoe zij dat kunnen uitvoeren.

Om je leven zelf in waardigheid te beëindigen bestaan er twee manieren. De eerste is de medicijnmethode. Je stelt je eigen ‘pil van Drion’ samen, een combinatie van dodelijke medicijnen met slaapmiddelen, en neemt ze in. De andere methode is stoppen met eten en drinken. Anders dan gewoonlijk wordt gedacht, is bewust versterven geen gruwelijke dood. Met de juiste mondverzorging en verzachtende medicijnen, is stoppen met eten en drinken voor hoogbejaarden en ernstig zieken draaglijk. Bovendien biedt de periode van verzorging de mogelijkheid van een intens afscheid van de dierbaren, verspreid over meerdere dagen.

In Uitweg worden beide methoden uitgebreid en nauwkeurig beschreven. Als je stopt met eten en drinken is het belangrijk te weten wat je te wachten staat, hoelang het kan duren en welke maatregelen getroffen moeten worden om dorst en ander ongemak te vermijden. Kies je voor de medicijnmethode, dan dien je te weten welke medicijnen nodig zijn en in welke combinatie je ze moet innemen. Er wordt ook uitgelegd hoe je ze in bezit krijgt en hoe je ze moet innemen om te voorkomen dat je later in het ziekenhuis wakker wordt. Daarom belichten de auteurs ook verschillende onzekere en gevaarlijke methoden om uit het leven te stappen.

Rond het zelfgekozen levenseinde spelen allerlei wetten en regels een rol. De auteurs leggen de ongeschreven spelregels en valkuilen rond euthanasie bloot en geven praktische adviezen voor het doen van een succesvol euthanasieverzoek. Ze leggen uit hoe je binnen de wet kan blijven als een dierbare je bijstaat bij zelfdoding en welke hulp strafbaar is.

De auteurs hebben alles gedaan om van Uitweg een echt praktisch handboek te maken. Bij iedere methode hoort een checklist en een geheugensteun met alle te nemen stappen. Er is een handig overzicht van alle potentieel dodelijke medicijnen, met vermelding van de juiste combinatie en dosis. Men vindt ze alfabetisch geordend terug in het medicijnregister, met vermelding van de betreffende pagina. In de uitklapbare tabel van de achterflap zijn diezelfde medicijnen te vinden, met hun merknamen in negen West-Europese en vier Engelstalige landen. Achter in het boek is bovendien een adressenlijst opgenomen van de instanties waar men in Nederland en Vlaanderen anoniem terecht kan met vragen over een doodswens.

Toch is dit geen handleiding met hapklare recepten. Het boek belicht de verschillende facetten van een zelfgekozen levenseinde en situeert de zelfgekozen dood in een breder perspectief. De auteurs definiëren zelfeuthanasie ten opzichte van zelfmoord of suïcide en euthanasie. Ze houden een warm pleidooi voor een goede dood en de mogelijkheid om op je eigen manier te sterven. De algemene inzichten worden raak geïllustreerd met ontroerende verhalen van nabestaanden en interviews met deskundigen.

De delicate kwestie van het zelfgekozen levenseinde wordt in dit boek met een zeldzame openhartigheid besproken. Door te informeren willen de auteurs de bevoogding doorbreken van artsen en wetgevers inzake het levenseinde. Op geen enkele wijze willen zij een impulsieve, eenzame en verminkende zelfdoding bevorderen. Een waardig levenseinde vraagt een intensieve voorbereiding en de nabijheid en steun van medemensen en is alleen al daardoor onverenigbaar met een overhaaste beslissing.

Het boek is in de eerste plaats bedoeld voor mensen met een weloverwogen doodswens en voor hun naasten. Maar je hoeft eigenlijk niet te wachten op een ziekte of doodswens om het te lezen en altijd binnen handbereik te hebben. Ik kan het iedereen aanraden die het levenseinde binnen eigen beheer wil houden als het aan de orde komt.

@ Minervaria

woensdag 23 maart 2011

Auto-euthanasie

CHABOT, B., Auto-euthanasie. Verborgen stervenswegen in gesprek met naasten. A’dam, Uitg. Bert Bakker, 2007, 304 pp. – ISBN 978 90 351 3161 3

Altijd al hebben mensen hun dood willen beheersen. Door de verbeterde medische diagnostiek en behandeling is dit pas in de laatste halve eeuw bij sommige ziekten ook mogelijk geworden. In westerse landen beschikken artsen over verschillende methodes om het overlijden te bespoedigen. Dank zij de euthanasiewetgeving kunnen zij mensen op verzoek uit hun ondraaglijke en uitzichtloze lijden verlossen zonder dat zij hiervoor gestraft worden. Maar in onze samenleving zijn er mensen die hun overlijden niet aan artsen willen overlaten. Ze willen zelf bepalen hoe en wanneer zij sterven.

Over deze manier van sterven verkeert de samenleving in zalige onwetendheid. Weinig mensen weten welke middelen je nodig hebt om op een serene manier een einde te maken aan je leven noch hoe je er aan komt. Ook zijn niet alle artsen bekend met de manier waarop iemand zichzelf zonder fysieke ellende van kant kan maken. In hun opleiding en bijscholingen komt dat thema in ieder geval niet aan de orde.

Als psychotherapeut en psychiater werd Boudewijn Chabot intensief met doodsverlangens van mensen geconfronteerd. Meer dan 10 jaar lang heeft hij verhalen verzameld over de wijzen waarop mensen proberen hun dood zelf te regisseren. Dit is mogelijk door het innemen van een dodelijke combinatie (slaap)middelen of door bewust te stoppen met eten en drinken. In beide gevallen gebeurt de levensbeëindiging in gesprek met een of meer naasten en zonder dat een arts een dodelijke handeling verricht. Chabot noemt deze methodes auto-euthanasie of zelfdoding in gesprek met naasten.

Ieder jaar benemen een aantal mensen zich het leven door middel van auto-euthanasie. Het zal geen verbazing wekken dat deze praktijk met geheimzinnigheid omgeven is. Zelfdoding roept onmiddellijk beelden op van wanhoopsdaden en gruwelijke verminking. Er is bitter weinig vakliteratuur over voorhanden en nauwelijks onderzoek naar gedaan. Men weet niet over hoeveel sterfgevallen per jaar het gaat en waarom mensen daartoe overgaan, noch hoe het verloopt. Voor het euthanasiedebat is het nochtans belangrijk dat hierover meer informatie beschikbaar is.

In dit boek presenteert Chabot de resultaten van een systematisch sociologisch onderzoek naar die twee vrij onbekende wegen om het eigen leven met opzet te beëindigen. Met behulp van een combinatie van vragenlijsten en diepte-interviews met naasten van de overledenen wilde hij te weten komen hoe vaak mensen met behulp van deze methoden hun eigen dood veroorzaken, wie dit doet, waarom en hoe het verloopt.

Net omdat het over een zeer gevoelig onderwerp gaat, heeft hij dit onderzoek zeer zorgvuldig aangepakt. De methodologie is grondig doordacht en aan strenge criteria onderworpen. Hiermee heeft hij een solide basis gelegd voor later geactualiseerd onderzoek naar auto-euthanasie. Liefst twee hoofdstukken van het boek worden besteed aan de verantwoording van de gevolgde werkwijze. Wie daar geen boodschap aan heeft kan zich gerust beperken tot de interpretaties en conclusies.

Het verhaal van tien naasten over het zelfdodingsproces van een familielid of bekende, die Chabot ‘dossiers’ noemt, zullen echter zeker iedere lezer boeien. Anders dan tegenstanders vaak beweren, blijkt uit deze gevalsbeschrijvingen dat bewuste levensbeëindiging in gesprek met naasten geen impulsieve daad is uit wanhoop, maar weloverwogen en zeer doordacht. Je kan alleen maar ontzag hebben voor de vastberadenheid waarmee deze mensen kozen voor een waardige dood, soms in strijd met hun arts.

Uit het onderzoek blijkt dat beduidend meer mensen sterven als gevolg van auto-euthanasie dan in de overlijdensstatistieken vermeld wordt. Veel vaker dan men denkt worden artsen met dilemma’s geconfronteerd door patiënten die overwegen bewust ten dode te vasten en dorsten of een zelfdoding voor te bereiden met een dodelijke combinatie van middelen. Toch zouden zij patiënten met minder schroom van de nodige informatie moeten voorzien. Een goede relatie met de behandelende arts kan immers in belangrijke mate bijdragen tot een waardige dood.

Chabot doorprikt meteen een aantal hardnekkige vooroordelen over de verschillende methodes van levensbeëindiging.
Zijn centrale stelling is dat terminale sedatie, euthanasie en auto-euthanasie verschillende wegen zijn naar hetzelfde doel: een goede dood met zolang mogelijk contact met naasten. Dit wordt hier naar mijn mening met glans beargumenteerd.

Voorlopig, zegt hij, is auto-euthanasie in alle opzichten onbekend terrein. Terugkijkend op het langgerekte publieke debat dat de euthanasiewet voorafging, zou het weleens een hele tijd kunnen duren voor de samenleving met auto-euthanasie leert omgaan. Maar de onbekendheid belet niet dat het vaker gebeurt dan men denkt.

Dit leerrijke boek laat zich vlot lezen. Het is een ‘must’ voor iedereen die zich wil informeren over de mogelijkheden om bewust het eigen levenseinde in handen te nemen.

© Minervaria